Harrie Vos in het nieuws!
IJCT erelid Harrie Vos is 87 jaar, maar het plezier in schaatsen is bij hem nog lang niet op. Vandaag stond er een mooi artikel in het Brabants Dagblad over Harrie. Lees hier het hele artikel.
Twee ochtenden per week staat hij kinderen op het ijs bij. Sierlijk achteruit schaatsend nodigt Harrie Vos leerlingen van De Bodde uit om vóóruit te gaan. „Kom maar”, zegt hij er met zachte stem bij. En dat doen ze, richting de overkant van de ijsvlakte, die dertig bij zestig meter groot is en in het midden van de Ireen Wüst IJsbaan ligt. "Sommigen zijn een beetje bang, maar daar zijn ze zo overheen. Het mooiste is als ze huilend het ijs opkomen en er lachend afgaan.”
Harrie houdt zelf niet van de voorgrond, maar dat hij als erelid van IJsclub Tilburg in hetzelfde rijtje staat als Ireen Wüst, vindt de 87-jarige Rielenaar toch wel mooi. Trots laat hij ook zijn Frans Blondeltrofee zien, vernoemd naar de oud-voorzitter van de vereniging.
En dan is er nog de zilveren clubspeld die Harrie op zijn trainingsjack draagt. Eronder staan de letters SK, die staan voor Sven Kramer, de schaatsheld uit het hoge noorden.
"Ons schoolschaatsproject wordt door de Sven Kramer Academy gefinancierd. Hij is een keer komen kijken en heeft toen nog een handtekening op mijn trui gezet.” Iedereen moet ‘kans op ijs’ hebben. Daarover is Harrie Vos het roerend eens met Sven Kramer. Zolang hij er zelf plezier in houdt, laat Harrie op zijn noren (maat 39) kinderen van scholen uit de regio vooruitglijden.
Botjes en doorlopers
Harrie was veertig jaar lang technisch medewerker bij de gemeente Tilburg, maar dat is al een poos geleden. Nog verder terug in de tijd liggen de winters waarin hij als kind op botjes of Friese doorlopers over de bevroren sloten in Rosmalen schaatste.
Ook nadat het werk hem naar Riel had gebracht, bleef schaatsen zijn grote liefhebberij. „'s Winters ging ik meestal naar de Flaes. Toen er in 1985 eindelijk weer een Elfstedentocht kwam, meldde ik me als lid bij IJsclub Tilburg.”
Op hoog niveau heeft Harrie nooit geschaatst. Ze hebben weleens gevraagd om mee te gaan naar de Weissensee, maar dat leek hem niet verstandig. „Als er iets gebeurt op het ijs, zit mijn vrouw er ook mee.”
Duizenden kinderen heeft hij op de gladde ijzers gekregen, zo ook zijn twee kleindochters in München. „Opa Holland noemen ze me. Als ze naar ons toe komen, willen ze altijd even schaatsen.”
Goed bijsluiten
Hij gaat ook regelmatig met een groepje de 400 meterbaan op. „Dan kan ik het toch niet laten om instructies te geven als dat bij iemand nodig is. Je moet goed bijsluiten en diep zitten, zodat je bij pootje-over in de bocht ruimte overhoudt om de ene schaats over de andere heen te zetten.”
De leden van IJsclub Tilburg schaatsen zelf op noren. Aan het eind van het seizoen worden de 220 paar schaatsen van de vereniging collectief door de leden geslepen. Ook daarvan geniet Harrie.
Harrie is een motor achter het schoolschaatsen. Punctueel houdt hij de lijsten bij waarop de 22 trainers van de club, veelal gepensioneerd, zijn ingeroosterd. Ook regelt hij de diploma’s die kinderen krijgen als ze drie weken achter elkaar op het ijs hebben gestaan.
Elke dinsdag- en donderdagochtend, van half oktober tot eind maart, zijn scholieren welkom. Mooi vindt Harrie het als ook kinderen uit Syrië, Somalië of Oekraïne de Nederlandse schaatscultuur leren kennen.
Zo af en toe denkt hij een talentje op te merken. Maar de Olympische Spelen zijn niet het doel. Dat is plezier én de levenservaring dat je vooruit kunt komen, hoe glad het onder je voeten ook is.

















